mm 5   22.4

 

Consolidatie

 

De these die leidt tot een antithese, die leidt tot een synthese, en die weer met een antithese enzovoort. Tot op een eindsynthese, voltooiing van dis proces. Een filosofie in antieke tijden al bedacht voor het bedenken en maken van de mens. Van wat de kosmos voor dat bedenken mogelijk maakte met z’n materiële  en daarvoor geldende natuurwetten. Naar dat die wet voor het bedenken tot op eindwaarden, het uiterste mogelijke, bepaald en begrens door die die wetten.

De motoriseerde koets die zich zo uitontwikkelde tot op de praktisch volmaakte auto. De complexe verbrandingsmotor daarmee ook op een eindwaarde. Alles wat de mens maakte daarmee daarop.

Vrije markten die met kan biet beter uitkwamen op het zo duurzaam mogelijke product. Dat zo min mogelijk te hoeven kopen. Daarmee oop  steeds minder te maken. De economie van maken en doorsmeren die transformeerde in die van bezitten en dat beheren en behouden.

Een ontwikkeling voor ondernemingen ongunstig. DiehHun vervangingsmarkten zagen verdwenen en daarmee zichzelf. De basis voor die daarmee leuk dobberende badeenden. Die daarom  de vrijheid  van die  markten elimineerden met een wegwerpeconomie, Producten net zo lang updaten tot ze het niet meer deden en je een nieuwe versie moet kopen. Verder met al het mogelijke te moeten mogen. Waarmee ook de natuur werd bedacht en gemaakt. Dieren alleen nog mochten bestaan bij de gratie van de mens. Die zo massaal uitstierven. Atoombommen moesten mogen en in overdaad. Voor het mannelijk zich daarmee bewijzen. Waarmee ok de mensheid dreigde uit te sterven. 

Ontwikkelingen waaraan de vrouwen met hun gevoel voor beheren en behouden een eind aan maakten. Met de consolidatie op duurzame eindwaarden. Daarmee ook de afronding van het naken daarop. Ze de markten weer vrij maakten.  Met concurrentie alleen mogelijk met bezuinigen bedrijven publiek werden. Met normen voor kwaliteit en het personeel. Vooral voor het voor iedereen essentiele dat zich als generaties bestendig  bewwes. Daarmee volgende generaties steeds rijker maakten. Waarmee toen samenlevingen steeds  welvarender werden. Met de rendementen van dat publieke een basis voor bestaanszekerheid mogelijk werd.

Daarmee ook herstel van het eens commune. Zoals plek op arde, de energie van zon, wind n stromend water.

Met het mogelijke tot op het uiterste. Een auto die kwam voorrijd en als nodig. Bedrijven voor beheer en behoud. Van het veel te veel. Dat in circulatie houden. Bezit op basis van het uiterste in ascese. Kleding mede bestendig en wat anders willen dan ruilen. Ceen vrouwen massaal meer achter naaimachines aan het werk voor badeenden. Wel daarmee in ateliers creatief  bezig op de huid van klanten. Hesta die zo graag liet optuigen. Estrice die het hield op werkkleding uit de kringloop. Met veel zakken voor van alles. Hesta die er dan p  toezag fat het haar ook stond.

 Falende apparaten verplicht terug naar de maker voor reparatie of hergebruik van het meestal het overgrote deel duurzame er van.

Een bezinning op wat wel en niet moest mogen. Waarop Estrice was gestuit.